Het onzekerheidsprincipe van Lingeman

En dan doet de weervrouw er nog een schepje op

Iedereen kent het in alledaagse activiteiten: ons brein is continu bezig met het voorspellen van de (korte termijn) toekomst. Loop een trapje af en je hersenen geven – ongevraagd!- een verwachting af aan je benen over de hoogte, diepte, schuinte en eventuele gladheid van de volgende trede. Het maakt van ons een heel galante trap-afdaler en het is bovendien een reuze handige eigenschap als je eens met twee volle boodschappentassen en de huissleutel in je mond de voordeur wilt kunnen bereiken zonder kwetsuren.

Glunderend van trots

Voorspellen zit ons in het bloed. Bij het acht uur journaal doet de weervrouw er nog een schepje bovenop en durft het zelfs aan te waarschuwen voor hevige regenval in Klazienaveen om vier uur de volgende dag. Maar glunderend van trots sluit ze af met een kokette stranddag; over vier dagen voorziet ze de zomer terugkeren.

En daarbij houden we het niet, want astrofysici lachen om een lafhartige meerdaagse voorspelling. Zonder enige oogknipper zien zij een gedeeltelijke zonsverduistering aankomen die Nederland en België zal treffen op woensdag 12 augustus 2026. Om precies tezijn zal deze verduistering zich aandienen om 18:15:00.7 bij Den Helder. Ja, u leest het goed: de gebeurtenis die over acht jaar zal plaatsvinden, wordt tot op een honderdste seconde nauwkeurig bij elkaar gewicheld!

Heisenberg’s onzekerheidsprincipe

De voorspellingen zijn nauwkeurig, omdat noch het weer, noch de maan- en zonstand zich enigerlei aantrekken van wat wij hier op aarde vinden of voorspellen. Met andere woorden: het systeem dat we voorspellen is autonoom. Echter neemt de nauwkeurigheid dramatisch af, zodra het systeem dat we proberen te modelleren ook kan worden beïnvloed door ons. In de natuurkunde kennen ze dit fenomeen als het onzekerheidsprincipe van Heisenberg. Deze knappe wetenschapper ontdekte dat het onmogelijk was om tegelijkertijd plaats en impuls van een piepklein deeltje te meten en voorspellen. Dat kwam, omdat je als observeerder invloed had op het deeltje dat je probeerde te meten.

Ik heb ook eenonzekerheidsprincipe ontdekt. Althans, dat denk ik. Het luidt ongeveer als volgt: hoe meer we het systeem kunnen beïnvloeden dat we bestuderen, des te meer creëren we het systeem met onze voorspellingen. We zijn dus geen weermannen en -vrouwen, of astrofysici. Want als wij een zekere toekomst voorspellen, dan zullen marketeers hopelijk met die informatie aan de slag gaan en hiermee beïnvloeden ze wat wij hebben proberen te voorspellen. De weervrouw kan het weer op geen enkele wijze beïnvloeden: ongeacht of ze ons een stranddag heeft beloofd, de zon zal zich er niks van aantrekken – mocht de zon al een eigen wil hebben natuurlijk.

Je hoofd op TIME magazine

Voorbeeld: stel dat jij een befaamd economisch orakel bent. Je brengt eind jaren tachtig van devorige eeuw een profesie uit dat een IT-bedrijf (Apple) en een nog niet bestaande retailer (Amazon) in de nazomer van 2018 de eerste bedrijven zullen zijn die ieder een beurswaarde zullen bereiken van één biljoen dollar. Je voorspelling wordt breeduit gepubliceerd in kranten en je komt met je hoofd op de voorkant van TIME magazine. Zal de voorspelling dan nog wel uitkomen? Zullen gelukzoekers anticiperen of wachten op de zekere koersstijging van Apple? Zullen opportunistische ondernemers niet direct een Amazon-kloon op de markt zetten?

Tweede voorbeeld: product A wordt als beste getest. Het zal een groot succes worden en de marketingafdeling – gesterkt door de overtuigende onderzoeksresultaten – zet zwaarin op promotie en distributie.  Product A is een regelrechte hit en de onderzoeksafdeling krijgt een pluim voor de accurate voorspelling. Maar zou product B – iets slechter getest in hetzelfde onderzoek – het veel slechter hebben gedaan met dezelfde support? We weten het niet.

Misschien zijn wij – onderzoekers – onderhevig aan ons eigen onzekerheidsprincipe, misschien kunnen we daarom nooit de messcherpe accuratesse bereiken van astrofysici. Bedenk dan dat wij iets voorspellen dat reageert op onze voorspellingen. Dat maakt ons vak oneindig veel interessanter. Bedenk dat quantumfysici door het onzekerheidsprincipe van Heisenberg een veel beter begrip hebben gekregen van observaties die anders logisch niet konden worden verklaard. Analoog daaraan is het vak marktonderzoek meer dan cijfers en data alleen. Wij nemen onzekerheid in onze modellen mee en vergroten daarmee de kwaliteit van onze prognoses. Waardoor betere beslissingen worden genomen om een product wel of niet op de markt te brengen.En daarmee creëren we nieuwe toekomsten. Proost!


👋

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *