Zo logisch is het!

Als het uit de mond van G komt, tenminste

Het klinkt allemaal zo logisch. Als het uit de mond van G komt tenminste. G is – wat we noemen – een ‘succesvolle ondernemer’, een selfmade man. Ik sprak hem een paar maanden terug. Na school – niet afgemaakt – lapte ie ramen voor een zakcentje, zo was ie begonnen. “30 piek per uur, kom daar maar eens aan! Ik was de koning te rijk. Mijn maatjes op school kregen dat nog niet per maand!”

Jaja, mooi hoor. “Nou,en ik was goed hoor”, vult hij aan, “want snel kreeg ik meer werk. Kon ik van school iemand als glazenwasser inhuren voor tien en wegzetten voor dertig.” G praat maar door. Aan één stuk. Hij hangt over zijn bureau. Een groot bureau. In een nog enormer kantoor. Dat uitziet over een imperium: inmiddels meer dan tweeduizend glazenwassers.

Af en toe – als ie kriebels krijgt en z’n kop moet leeg – dan pakt ie een ladder en loopt een dagje mee. “Het mooie is, ik krijg daar allerlei nieuwe ideeën door. Want, ik luister naar een collega, of naar een klant, of praat met iemand op straat.” G kan de essentie van mijn vak zo simpel zeggen.

J, een andere ondernemer

Of neem J, een andere ondernemer, afgestudeerd kok. J was topchef en zou makkelijk één of twee Michelinsterren bij elkaar koken in comfortabele loondienst. Maar het liep anders. Zijn levenspad werd gekruist door een passerend verzorgingshuis, en daarin zijn oude moedertje. “Iedere avond een slappe hap. Geen keuze, geen smaak, geen voedingswaarde. Een schande!”

J stapte op de directie af – in een spontane bui. Toen ie weer naar buiten liep, had ie de keuken overgenomen, omdat ie – zo had ie ze toegezegd “beter, verser en lekkerder voor minder geld kon koken”. Wat volgde, was jaren bikkelen. Zes, zeven dagen per week. Vier uur opstaan. Na twaalven naar bed. “Wat water is voor je lichaam, is een doel voor je geest. Dat houd je gaande.” Zijn woorden. Nu voert ie een bedrijf dat iedere dag 6.000 verse, op maat gesneden maaltijden bezorgt. Hij heeft altijd 700 verse ingrediënten op voorraad. En en passant geeft hij boeren een eerlijker prijs voor hun waar. Door de tussenhandel weg te snijden.

De grote kruideniers slaat ie over. “Want eerst praat je met een productmanager die laaiend enthousiast is en overal mogelijkheden ziet. Krijg je vervolgens met de haaien van inkoop te maken die alle marge van je afpakken. Dat doe ik dus niet!” Stond het tevoren allemaal in een businessplan? “Welnee, dit heb ik gewoon gaandeweg uitgepuzzeld en maar gedaan!”

Zulke gesprekken houden mij gaande. Als ik weer eens van een grote corporate wegrijd, waar veelal de korte termijn de boventoon voert, waar de veranderende markt angst inboezemt, waar de wispelturige consument wordt verdoemd, en waar je status wordt bepaald door de afstand van je vaste parkeerplek tot de hoofdingang; als ik me weer eens heb laten verleiden –meestal verveeld struinend over een luchthaven – tot de aankoop van een nieuw best-selling management boek. Waarin ik lees dat ‘we’ moeten leren omgaan met chaos. Dat ‘we’ opportunities moeten leren omarmen. Dat ‘we’ producten moeten ontwikkelen – ‘designen’ – met een consumentenprobleem als uitgangspunt. Dat de consument ‘emotionele beslissingen neemt’.

Wijze lessen uit self managementboeken

Heus, voor mensen die ver van de consument staan, in corporate hoofdkantoren, bevatten die boeken wijze lessen. Maar ondernemers J en G lezen er niks nieuws in. Zij weten instinctief dat hun handel morgen kan instorten; dat ze leven bij de gratie van de markt. J zegt daarover tegen zijn medewerkers: “Ik betaal niet jouw salaris. Ik maak het alleen aan je over. De klant, díe betaalt het!” Voor mij zit er ook een les in. Dat je als marktonderzoeker nooit moet vergeten dat elk bedrijf, of je er nu voor werkt, of er even een klus voor doet, ooit door íemand is begonnen. Iemand die daar ziel en zaligheid in heeft gestopt.

Een bedrijf – groot of piepklein – houd je in stand, door de producten en diensten relevant te houden, door te vernieuwen. Zo simpel is het. De markt verandert, dat is altijd zo geweest. Zienswijzen op “hoe je goed business doet”  veranderen. Maar de fundamentele business-vragen, de vragen die de ondernemers J en G zich iedere dag stellen, blijven. Wier antwoord vervolgens het levenselixer is voor de werkgelegenheid van velen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *